We moeten ons realiseren dat wat tegenwoordig in fysieke vorm als man voor ons staat, in zijn etherlichaam vrouwelijk is, en net zo is wat in het fysieke als vrouwelijk verschijnt, in het etherlichaam mannelijk.

Rudolf Steiner (26 augustus 1910)

De lichamelijkheid van de mens in het leven na de dood

Lezing door Myriam Driesens

Michaëlkerk, zondag 25 februari, 10.45 uur

Wat wij als onze aardse lichamelijkheid beleven is meer dan alleen het puur fysieke lichaam. Want dat is in werkelijkheid doortrokken en mede bepaald door het etherlichaam (levenskrachten- of vormkrachtenlichaam), het astraallichaam (‘ziel’ of gevoelslichaam), en het ik. Als we ook nog eens het onderscheid maken tussen het dagelijkse ik en het hogere Ik, dan wordt duidelijk dat de menselijke lichamelijkheid een complex geheel is. Wat gebeurt er met deze ‘lichamen’ in het leven na de dood?

terug